Het was een onwerkelijk tafereel, in de zomer van 2004. Op de julidag dat de KNVB bekendmaakte in Marco van Basten een nieuwe bondscoach gevonden te hebben, stond de nieuwbakken voetbaltrainer in Schoorl met Jong Ajax op het trainingsveld van amateurclub Duinrand S.
Langs de lijn stonden welgeteld vier toeschouwers, gasten van een nabijgelegen camping, op badslippers. Op een bankje in de zon zat Dick Schoenaker, in de jaren tachtig ploeggenoot van Van Basten bij Ajax en nadien elftalbegeleider van het belofteteam.
De stemming zat er goed in, die middag. Van Basten had een spelletjescircuit uitgezet voor zijn jonge ploeg, er werd gelachen en gejoeld, en Schoenaker zag dat het goed was. 'Dit is Marco op z'n best', zei de gepensioneerde middenvelder. 'In alles wat hij met zijn jongens doet, staat het plezier in voetbal voorop. Dat is voor hem het vertrekpunt.'
Schoenaker vertelde honderduit over het eerste seizoen van Van Basten als trainer. Hoe de Utrechter de eerste maanden de kat uit de boom had gekeken en de werkwijze van zijn kompaan John van 't Schip in zich had opgenomen. Hoe de rolverdeling tussen de twee jonge coaches halverwege dat eerste seizoen was omgedraaid. Van Basten liet zich steeds meer gelden, op trainingen en tijdens teambesprekingen. Dat ging op natuurlijke wijze, zonder vastomlijnde afspraken. Toenmalig technisch directeur Louis van Gaal vond dat ze de onderlinge taakverdeling duidelijk moesten formuleren. Van Basten en Van 't Schip vonden dat bijzonder grappig. Hun diepgewortelde band laat zich niet vangen in taakomschrijvingen. 'Laat Marco zijn gang maar gaan', zei Schoenaker daarover. 'Ajax moet blij zijn dat een voetbalman van zijn kaliber terug is bij de club. Voor Van Basten geldt hetzelfde als voor de manier waarop hij met zijn spelers omgaat. Hij wil plezier in zijn werk hebben. Anders hoeft het voor hem niet.'
Nadat Marco van Basten een vierjarig contract met Ajax als hoofdtrainer was overeengekomen, lieten spelers
Plaats reactie